
Vaak lopen ouders, met name de moeder, al langere tijd rond met een onbestemd gevoel: "Er is iets met mijn kind aan de hand, maar wat?".
Dan is het verstandig om eens een afspraak te maken met een B.S.M. - de Jong® therapeut.
Intakegesprek
Tijdens het intakegesprek wordt de hulpvraag en de ontwikkeling van het kind besproken, waarna een uitgebreide anamnese wordt afgenomen waarin vragen worden gesteld over erfelijkheid, zwangerschap, geboorte en de ontwikkeling van het kind. Ook vragen over eventuele letsels na een ongeval en ziekenhuisopname komen aan bod. Daarnaast worden er enkele testjes gedaan: onder andere om de werking van de ogen na te kijken en indien nodig wordt er een reken- of leestest afgenomen. Ook wordt er aandacht besteed aan de voeding.
Vervolgens gaat de therapeut op zoek naar de lichamelijke oorzaak waardoor het kind fysiek en mentaal niet optimaal functioneert. Met andere woorden, er is sprake van een lichamelijke disfunctie.
Oefenprogramma
Na het intakegesprek legt de therapeut uit wat er aan de hand is met het kind en stelt een oefenprogramma samen. De oefeningen die het kind gedurende de week onder begeleiding van een ouder moet doen, nemen ongeveer 10 tot 20 minuten per dag in beslag. Volgens de B.S.M. - de Jong® filosofie zijn onze hersenen flexibel en hebben leer-, gedrags- en ontwikkelingsproblemen doorgaans een lichamelijke oorzaak.
Door stimulansen van buitenaf maakt ons brein nieuwe verbindingen. Dat betekent dat we met de juiste technieken het brein kunnen heropvoeden. Met het juiste aantal bewegingen geven we zenuwuiteinden een impuls om deze verbindingen (alsnog) te maken. De eerste veranderingen die u vaak merkt, is dat er verbetering optreedt met betrekking tot de spijsvertering en het gehele metabolisme van het betrokken kind.
Begeleiding
Voor het slagen van de therapie moet men therapietrouw zijn. Dit vereist begeleiding van de therapeut en doorzettingsvermogen van de ouders. Daarom is er naast de consulten gedurende de therapie regelmatig (telefonisch) contact om de voortgang te bespreken en de oefeningen aan te passen.
In veel gevallen blijkt een oefenprogramma van ongeveer een jaar voldoende. Maar bij kinderen met een grote achterstand in de ontwikkeling moet langer worden geoefend om het gewenste resultaat te bereiken.
Tijdens de therapie kunnen diensten van derden zoals manueel therapie of osteopathie worden aanbevolen.